Winterkamperen in praktijk

We did it! Bepakt en bezakt stapten we station Ermelo uit richting natuurkampeerterrein De Drie van Staatsbosbeheer waar we deze nacht in samenwerking met De Groene Koepel gingen overnachten. Het zou "slapen bij de boswachter" worden, kregen we van tevoren te horen. Bij aankomst op het natuurkampeerterrein bleek er echter niemand te vinden zijn. Dan bedoelen we ook echt niemand. Er stond een campertje en een tent, maar mensen? Nergens te bekennen. Winterkamperen alleen met zijn tweeën in de middle of nowhere, check!

Hoe te werk?

Welk seizoen het ook is, kamperen blijft kamperen. Naast de standaard spullen zoals slaapzak, matje, kookpitje en natuurlijk tent eist winterkamperen wel extra voorbereiding. Eerder bespraken we al wat we precies nodig zouden hebben om een nacht buiten zonder bevroren tenen door te komen. Maar hoe ging dat in de praktijk?

We waren blij verrast door het gewicht op onze schouders. Het aantal kilo’s om mee te dragen voor een winterse nacht op een camping bleek best wel mee te vallen. We hadden een onderzeil meegenomen, twee zeilen voor onder onze matten en Gracia had extra slaapzakken meegenomen. Al met al is dit tot dan toe net zo goed te doen als een normale kampeeravond. Begint al goed!

Wat we hebben geleerd tijdens winterkamperen is dat een warme basis toch wel heel fijn is. Een camping zoals Drie in het midden van de natuur biedt veel wandelmogelijkheden waar je warm van wordt maar een plek om even te zitten en daadwerkelijk op te warmen is toch wel erg fijn om de avond door te brengen en warm je slaapzak in te duiken. Waar beter om dat te doen dan in het verwarmde sanitaire gebouw van de camping? Dit klinkt misschien raar maar camping Drie heeft, net als veel natuurkampeerterreinen, een mooi sanitair gebouw. In de zomer is dit niet nodig maar in de winter is een hele avond buiten in de kou zitten toch wat minder handig. 

Een andere manier is natuurlijk een kampvuur maken. Dit doen we in de vuurput van de camping. Terwijl we het vuur aanmaken worden we getrakteerd op een concert door de uilen in het gebied. In het pikkedonker duurt het even om gewend te raken aan de uilen maar al snel voelt het vertrouwd. Wij zijn vanavond de bezoekers in een bijzonder natuurgebied en laten het maar over ons heen komen.

Na nog een laatste thee in het sanitaire gebouw maken we ons klaar voor de nacht. Thermokleding, check. Warme sokken, check. Muts, check. Genoeg slaapzakken, check. Met nog wat thee in de thermoskan lopen we van het sanitaire gebouw naar onze tent aan de rand van het bos. Onder een heldere sterrenhemel lopen terwijl de natuur om je heen leeft is wel een heel bijzonder moment. We kruipen de tent in en wurmen ons in onze slaapzak. Hoewel de uilen nog lang niet gaan slapen, hopen wij toch wel een oogje dicht te kunnen doen deze nacht.

Dat is echter iets gemakkelijker gezegd dan gedaan.  De kou is over het algemeen prima te doen: in het begin hebben we het zelfs lekker warm. Het is voornamelijk de harde bevroren grond dat 'lekker' slapen lastig maakt. Het zit er deze nacht niet echt in om een goede draai te vinden. Liv baalt wanneer ze Gracia ineens zwaarder hoort ademen en andersom: we vallen allebei geregeld in slaap maar tot écht diep slapen komt het niet. Dat geeft helemaal niets, het is uiteindelijk maar één nachtje dat we gaan winterkamperen. We kunnen ons wel voorstellen dat het voor een langere kampeersessie noodzakelijk is om iets lekkerder te kunnen liggen, mocht je niet helemaal gesloopt willen zijn overdag. Tegen een uurtje of zeven in de ochtend is het gewoel toch echt klaar en besluiten we uit onze slaapzakken te klimmen. Terwijl de zon zich nog niet laat zien, stappen we de tent uit en zien we dat de volledige voortent onder het ijs zit. Het heeft flink gevroren vannacht! Het is een bizar idee dat we de hele nacht praktisch op de grond hebben gelegen, zo ontzettend koud was het nou ook weer niet.

Het 'grootste' probleem van deze kampeersessie in januari is dat we in de ochtend de bevroren tent niet goed kunnen opvouwen en zo dus ook amper in kunnen pakken. Dus hé, als dat het grootste probleem is dan valt het allemaal best wel mee toch? Wij raden het dus ook alleen maar aan om er zelf in de winter eens op uit te gaan met je tentje. Het geeft een totaal ander gevoel aan het begrip kamperen en je krijgt echt een beetje een gevoel van overleven. Daarnaast vonden we het stiekem heel gezellig om 's avonds met rode wangen van de warmte van het kampvuur in the middle of nowhere te zitten ergens midden in Nederland. Met een kop thee bijkletsen tijdens een persoonlijke serenade van de familie Uil, dat doe je niet iedere avond toch?