Winterkamperen in de vroege lente: deze kampeerterreinen zijn open

Winterkamperen in de vroege lente: deze kampeerterreinen zijn open

Kamperen in de winter? Dat kan bij de volgende natuurkampeerterreinen en campings. Happy wintercamping!

Mooiste reisbestemmingen van 2018

Mooiste reisbestemmingen van 2018

Dit jaar was een fantastisch reisjaar! Ik bezocht Vietnam, ging naar Zuid-Frankrijk en droomde weer weg bij Strötzbüscher Mühle. Lees hier meer over mijn mooiste reizen van 2018.

Winterkamperen in Nederland? Hier moet je zijn

Winterkamperen in Nederland? Hier moet je zijn

Winterkamperen in Nederland? Kom slapen bij De Vlagberg of parkeer je caravan bij Het Bos Roept. In dit artikel geef ik je enkele tips waar je absoluut eens moet winterkamperen.

Avontuurlijk kamperen in de Eifel

Avontuurlijk kamperen in de Eifel

Kamperen in de Eifel? Check dan natuurcamping Massingsmühle vlakbij Etgert. Lees hier meer over kamperen in de Eifel, geschreven door Niels Kalkman.

Kamperen in september? Hier moet je zijn

Kamperen in september? Hier moet je zijn

Lekker kamperen in september? Waarom niet! In dit artikel lees je dé plekken waar je moet zijn.

Tadzjikistan: zorgeloos kamperen aan de Afghaanse grens

Kamperen aan de grens met Afghanistan, het staat niet direct heel hoog op mijn bucketlist. Toch zullen we in Tadzjikistan zo'n 550 kilometer langs de grens fietsen en soms in het zicht van het land de tenten moeten opslaan. We volgen de – bij wereldfietsers – inmiddels redelijk populaire Pamir Highway (de M41, een oude Russische snelweg), die over de zo’n beetje hoogst befietsbare bergpassen (tot 4650 m.) voert en die vanaf Khorog een aantrekkelijke detour biedt door de Wakhan Vallei.

Door Ingmar Griffioen

We fietsen schier eindeloos langs de rivier en de grens, met altijd links Tadzjikistan en rechts Afghanistan. In het begin liggen de meeste dorpen aan de Afghaanse zijde en de desolate steenhellingen aan de Tadzjiekse, later wisselt dat telkens. We fietsen er zo’n acht dagen langs, tot van de brede Pyandzh rivier nog maar een dun stroompje over is. De miniatuurpoppetjes op ezels of motorfietsen krijgen gezichten, de huizen, akkers en dorpjes karakter, de kameel in de verte lijkt opeens een flink beest en het land zo dichtbij dat we het bijna kunnen aanraken. Het lukt na een paar keer proberen om een steen vanuit Tadzjikistan op het pad boven de stenige Afghaanse rivieroever te laten stuiteren. Dat is dichtbij genoeg.

IMG_20180704_175428_344.jpg

Afghaanse handel en ontmoetingen
In Qal'ai Khumb bezoeken we 'de Afghaanse markt', een plek waar Afghanen en Tadjzieken (beiden van het Wakhan volk, dat deze afgelegen en vruchtbare vallei bewoont) handelen en elkaar ontmoeten. In tegenstelling tot de populaire en door de militairen nu gesloten markt in Ishkoshim, bevindt deze markt zich niet op niemandsland, maar aan de Tadzjiekse zijde. Veel bijzonders wordt er niet verkocht: vooral watermeloenen en plastic Chinese troep, plus ander fruit, wat groentes, aardappels, kippen en koekjes. We krijgen de kans om enkele Afghanen de hand te schudden, voordat een grenswacht ons vrijwel alle foto's van de markt (in de richting Afghanistan) laat verwijderen en onze gids ons terugvoert. Ook dit was even dichtbij genoeg.

Afghanistan is iets waar het thuisfront – en wijzelf aanvankelijk ook – nogal nerveus van wordt. Het is een land dat je kent uit verhalen over oorlog, Taliban, strikte interpretatie van de islam, 9-11, Osama, Amerikaanse inval, aanslagen en ga zo maar verder met die misère. De vele blogs die we lazen over de Pamir Highway schetsen echter een beeld van een weelderige vallei met veel homestays en woest natuurschoon. Van de Afghanen zou je niks te duchten hebben. Ze houden zich wel bezig met drugs- en wapensmokkel over de rivier, maar vallen geen buitenlandse toeristen aan. Aangeraden wordt wel om niet direct aan de rivier en in het zicht van de Afghaanse zijde te kamperen.

IMG_20180703_170410_573.jpg

Voorbereiding thuis
In Nederland hebben we ons grondig voorbereid op een pittige fietstocht (in 6 weken van de Tadzjiekse hoofdstad Dushanbe naar Bishkek in Kirgizië), waarbij we veel op onszelf teruggeworpen zullen worden. We hebben genoeg voedsel mee om 2 weken onafgebroken te kunnen koken, het gas gekocht om dat ook te verwarmen, kunnen vaat en kleding met zeep schoon boenen, vele liters water vervoeren en anders filteren. Ook kunnen we in extreme omstandigheden onszelf warm houden en de tenten overeind houden. De eerste dag is het meteen raak: 106 km buiten Dushanbe slaan we de tenten op naast een rivier, een plek die ik dan de mooiste kampeerplek ooit noem. De volgende dag zie ik dat we naast de grootste mijn ooit liggen en ’s nachts slaap ik niet door de vele vrachtwagens vol erts die de grond doen bewegen en door mijn tentje schijnen. Prachtplek verder en heerlijk om jezelf poedelnaakt in een rivier te wassen, maar de volgende dagen zullen meer wildernis en schoonheid tonen.

De tweede fietsdag openbaren meerdere realiteiten zich: fietsen bij 40 graden is nogal onbarmhartig – zeker als het asfalt verdwijnt en een mix van keien, grind en zand op een wasbordpatroon overblijft – en Tadzjikistan is spaarzaam bevolkt, maar de weinige mensen zijn doorgaans zeer behulpzaam. Terwijl onze kersverse Franse kompaan Thomas, gesloopt door dagen darmklachten, zich gereed maakt om de tent op te zetten, stopt een auto. Uit het raampje komt een stroom Russisch, waaruit een Nederlandse passant opmaakt dat de dokter van het dorp een slaapplek aanbiedt. Bij aankomst op zijn grote erf krijgen we direct thee en koekjes, een tuinslang als douche en vervolgens nog avondeten. Het is de eerste van vele hartelijke ontvangsten bij Tadzjieken thuis, plekken waar we voor 5 tot maximaal 15 dollar de man slapen en meerdere maaltijden en potten thee ontvangen.

De volgende dag kamperen we weer op een schitterende plek, boven de rivier even buiten een plaatsje waarvoor we twee kleinere riviertjes doorgewaad zijn. Gelukkig helpen kinderen de fietsen duwen. We zitten mooi uit het zicht een paar meter boven de weg. Langs het kampement stort een kleine beek uit de bergen naar beneden en zo zijn douche en (af)was weer geregeld. De koeien lopen ook zo van de berg af langs de tent. Helaas begint het tijdens het eten te regenen, meteen een goede test voor de waterdichtheid van alle kampeer- en fietsgear.

De Afghaanse grens zien we pas bij Qal'ai Khumb. Het besef van wat er aan de andere kant ligt en de aanwezigheid van veel grenswachten en militairen maken indruk. Vooral de eerste dagen kijk ik vrijwel continu naar wat zich aan de overkant afspeelt. Dat is vaak niet meer dan jongens op stap met ezels of vee, maar ik ben wel gefascineerd. Onderweg lees ik ‘De boekhandelaar van Kaboel’, waarin correspondent Asne Seierstad een meer gefortuneerde familie volgt en zo vele onthullende kijkjes biedt op de traditionele stammenmaatschappij. Zo onthullend is mijn blikveld zeker niet, maar de nieuwsgierigheid blijft mijn blik gidsen.

Hollandse nasi en koud bier
Kamperen aan de grens hoeft – dankzij de gastvrijheid – pas weer na Khorog, de hoofdstad van de autonome provincie Gorno-Badakshan. We zitten inmiddels in de Wakhan Vallei, waar de abominabele ondergrond een snelle voortgang dwarsboomt en de dorpen soms ver uiteen liggen. Bovendien staat er ineens een Nederlander op de weg. Het is Hein, die met zijn vrouw in een omgebouwde jeep door Centraal-Azië reist. We zijn eigenlijk niet van plan om al te stoppen, maar de joviale landgenoot verleidt ons met de belofte op een beschutte kampeerplek en een grote pan nasi. Mooi die Nederlandse gastvrijheid onderweg, de plek is inderdaad fraai, de nasi on-Nederlands goed en eigenlijk ontbreekt alleen een sleurhut vol aardappels en koffie nog aan het plaatje. De maaltijd en koude biertjes die Hein telkens uit de Landcruiser tovert, maken veel ontberingen goed en die kilometers… plakken we er de volgende dag wel aan.

Nog mooier is de volgende kampeerspot in de Wakhan. Ditmaal zitten we er alle vier al aardig tot ernstig doorheen. Vanaf ‘de weg’ zijn stukjes rivierstrand te zien met groene stroken vol struiken. Dat spreekt niet een klein beetje tot de verbeelding. Probleem is dat 20 meter verderop, aan de andere kant van het water een brug is en een weggetje. Mensen hebben we al de hele dag niet gezien in Afghanistan, die luid balkende ezel joeg ook niet veel schrik aan, maar dit is toch wat te veel ‘in het zicht’ voor comfort. Omdat we toch moeten wachten op twee wat langzamere kompanen kunnen we wel even op ontdekkingsreis. Want wat loopt daar voor oud weggetje richting de rivier? Tientallen meters valt er nog te ploegen door het zich verdiepende grind, daarna is het toch echt afstappen en duwen.
 

IMG-20180724-WA0018.jpg

Droomplek op het Tadzjiekse strand
Het weggetje lijkt in het niets te eindigen (zoals veel hier), maar daar rechts beneden lonkt wel weer een stuk strand met bosjes. Ik ga op expeditie. Het strand slingert zich langs de rivier en nog verder uit zicht van de Tadzjiekse weg. En ook steeds meer uit de wind. Er liggen ook al geblakerde stenen van eerdere kampeerders en de rivierstroming wordt afgeremd door eilandjes. Ideaal! Maar de Afghaanse zijde is nu wel erg dichtbij. Aan de overkant zijn alle vormen van bewoning en civilisatie echter verdwenen en vanaf de rivier gaat een steile helling omhoog. Hm. Hier kunnen we toch wel vier tenten kwijt tussen die bosjes? Eenmaal compleet zijn de vier fietsers het snel eens: topplek. Opbouwen en kokkerellen maar. Vroeg erin, want 20.00 uur is het al donker. Van slapen langs een wild kolkende rivier liggen we inmiddels al niet meer wakker en een nachtelijke plaspauze levert dan een schitterend sterrenlaken aan de hemel op. De volgende ochtend is het nagenieten aan het ontbijt en dan alle tassen weer op de fiets sjorren. Net voor we wegrijden, zien we een man op een paard langzaam over de heuvelrug aan de overzijde bewegen. Lagen we toch wel in zicht? Oh well.

Het blijkt later een van de laatste kampeerplekken. In Kirgizië willen we graag nog eens kamperen, maar twee plannen smoren in de regen. Bovendien is het aanbod aan accommodaties in dit Centraal-Aziatische land nog veel rijker en beter. Om van Tadzjikistan in Kirgizië te komen moeten we echter meerdere bergpassen over. We zijn net het enorme kratermeer Karakul gepasseerd en lijken wel de enige wezens in dit uitgestorven indrukwekkende landschap. Boven de 4000 meter is nagenoeg geen vegetatie en naast de vele bergmarmotten (soort wolliger en koddiger stokstaartjes) en vogeltjes woont hier niemand. Er zijn nu ook geen nomaden te vinden die ons een ‘yurt-stay en fastfood’ aanbieden, er is ook geen uit Chinese zeecontainers opgetrokken dorp (als Alichur) te bekennen. Niet zo gek ook, want we fietsen over een hoogvlakte tussen twee passen en blijven boven de 4000 meter. Ademen is tijdens de beklimming een ware beproeving en het wegdek is vooral centimeters zand bovenop het door vrachtwagens gevormde en fietsers gehate wasbordpatroon. Erger is dat de wind deze middag extra grimmig is opgestoken. We hebben deze route vooral wind mee, maar hier is dat plots omgedraaid. De wind zwelt aan tot iets van windkracht 8, waardoor ik zelfs tijdens de afdaling van de eerste pas bijna niet vooruit kom. Halverwege de hoogvlakte is het zo erg, dat we besluiten de handdoek te werpen. Geen echte beschutting in zicht, alleen een heuvel en de tent opzetten op de met zand en helmgras bedekte vlakte valt nog niet mee.

Ondanks de stofwolken krijgen we twee tentjes de kleigrond in en hoewel het nog geen 17.00 is, besluiten we te gaan koken. Er is maar één plek waar een gasbrander enige kans maakt: een oude Russische bunker bovenop de heuvel. We vieren de beklimming van de pas en de uitstekende Bolognese-maaltijd met een neut Russische wodka (when in the former Sovjet Union...) en als toetje dient Tadzjiekse chocolade en Nederlandse kamillethee. Vervolgens rest er niks anders dan in de warmte van de tent een boek lezen. En hopen dat het morgenochtend minder hard waait, zodat we de grensovergang naar Kirgizië, de tweede pas en 53 km afdaling naar Sari Tash kunnen voltooien. Het is kwart voor 7 en ik rits mijn Yeti slaapzak voor het eerst helemaal dicht. Wat kan het leven soms heerlijk eenvoudig zijn.

Waarschuwing: Laat je vooral niet afschrikken door angstverhalen n.a.v. de aanslag. Doe jezelf en Tadzjikistan niet tekort.
Verder lezen? Dat kan hier.

IMG-20180724-WA0013.jpg

Ingmar Griffioen is zo'n 20 jaar actief als muziekjournalist. Hij werkt voor onder meer Never Mind The Hype, VPRO 3voor12 en Eurosonic Noorderslag en als docent op de Nederlandse Pop Academie en de Herman Brood Academie. Daarnaast is hij gepassioneerd fietser en reiziger, liefst naar verre onbekende oorden. Je kunt hem hier volgen op Instagram voor meer mooie reisplaatjes.

Herfstige roadtrip naar en in Oostenrijk

Er zijn genoeg mensen om me heen die iedere winter naar Oostenrijk vertrekken voor een flinke portie wintersport of die er al eens zijn geweest om de latten onder de voeten te binden. Ook de zomerse maanden blijken behoorlijk populair onder de reiziger die van natuur houdt, maar hoe zit dat eigenlijk net buiten de populaire seizoenen, zoals de herfst? Stel je voor nu eventjes het volgende voor: je wordt wakker en het eerste wat je ziet is een palet aan herfstkleuren. De bladeren van de bomen naast de caravan zijn groen, geel en rood en daarachter is een indrukwekkend berglandschap te zien met grove rotsen en... sneeuw! Oostenrijk in de zomer is groen en fijn en in de winter is het één groot sneeuwfestijn, maar het land in de herfst? Onbeschrijfelijk. Net als de Eifel, Zuid-Duitsland en de Ardennen. Ga je met ons mee op herfstige roadtrip?

IMG_5597.JPG

Hoe kom je er?
We rijden vanaf Nederland met de auto én caravan (luxe kamperen ineens joh!) naar het meest zuidelijke puntje van Nederland. Daar steken we de grens over om de eerste avond in de Eifel te kamperen op een fantastische natuurcamping in een dal aan een riviertje. Twee dagen later (want man, wat een plek) rijden we verder naar het zuiden van Duitsland en slapen we op een camping bij Ramsau waar we letterlijk wakker worden met het uitzicht zoals hierboven beschreven. De grens is dichtbij en de volgende dag zijn we binnen een klein uur op plaats van bestemming in Oostenrijk.

Strötzbuscher Múhle, Duitsland
De weg naar de eerste camping in de Eifel is ontzettend steil en smal, helemaal wanneer je met een aanhangwagen of caravan de heuvel af moet. Terwijl we voorzichtig dalen via de haarspeldbochten kijken we onze ogen al uit over het dal. Daar ergens beneden ligt als het goed is de camping en verder niets. Dat wordt direct bevestigd wanneer we het terrein oprijden en een groot groen veld zien met een tipi-tent, twee jacuzzi's, een paar caravans, een paar cabins en vooral heel veel natuur. Nadat we even babbelen met de vriendelijke Nederlandse eigenaar kiezen we ons eigen plekje uit: aan het water en naast de koeien die in het weiland naast de camping staan. Wát een plek en dat op zo'n korte afstand rijden vanaf Nederland!
 

IMG_4423.JPG

Het gebied rondom de camping is bizar groen en je kunt er enorm goed wandelen. Wat echter misschien nog wel het leukste is van de plek is dat je er in de avond je eigen fikkie mag stoken bij je tent of caravan. Op de camping zelf kun je hout hakken waar je een klein bedrag per kilo voor betaalt. Wij maken iedere avond een knus vuurtje bij het water onder een heldere sterrenhemel. We zien zelfs nog een vallende ster wat deze perfecte avonden nog mooier maakt. Het is zo fijn om je zo vrij te kunnen voelen in de natuur. Het enige wat je nodig hebt op dit soort avonden is een vuurtje, een lekker drankje en goed gezelschap.

Camping Simonhof, Zuid-Duitsland
Voordat we na twee ontspannen dagen vertrekken vanuit de Eifel hopen we heel erg dat we net zo'n soort camping kunnen vinden in het zuiden van Duitsland, vlakbij de Oostenrijkse grens. Dat blijkt nog erg lastig. Blijkbaar is dit deel van Duitsland (en grote delen van Oostenrijk blijkt later) toch meer de plek waar een ander soort kampeerder verblijft: oudere mensen met de meest luxe caravans en campers inclusief schotel voor hun televisie, waarbij de caravan of de camper netjes in een voor hun aangewezen hokje staat. Niet echt de manier hoe wij kamperen zien: het hele 'vrije' wat je juist bij kamperen komt kijken valt op deze manier helemaal weg. Op internet zien we Camping Simonhof wat nog enigszins in de buurt lijkt te komen; het uitzicht op besneeuwde toppen heb je er in ieder geval. Bij aankomst blijkt dat er ook hier hokjes te vinden zijn waar je je caravan in moet zetten. Hm, helaas... maar het begint al donker te worden en de bergen op de achtergrond maken veel goed. We slapen hier dus een nachtje voordat we de grens overgaan richting het gebied rondom Zell am See.

Camping Grubhof, Oostenrijk
De camping zelf is mooi en netjes, maar zeker niet hoe wij kamperen voor ons zien. We vertrekken dan ook al vroeg om door de bergen richting de grens met Oostenrijk te gaan en wauw... kan Bob Ross hier even zijn schilderijen weg komen halen? De bizar mooie vergezichten zijn in combinatie met de warme herfstkleuren hét recept voor een nu al onvergetelijke roadtrip door het noorden van Oostenrijk. Vergeet de zomer, vergeet de winter, want de herfst is het seizoen wanneer je hier moet zijn. Het is er nog steeds zomers groen, maar hier en daar laat de herfst al goed merken dat ze in aantocht is. Wat een magische entree. Tip: maak op deze route een stop in het plaatsje Ramsau, wat zonder twijfel een afbeelding op een grote duizend stukjes puzzel is.

We zoeken ons tijdens de stop een ongeluk naar een mooie kampvuurcamping of een plekje in de bergen, maar komen in dit gebied uit op Camping Grubhof, een groene camping langs de rivier in Lofer. Gelukkig zijn hier geen strakke hokjes te vinden, weliswaar wel aangewezen plekken maar dat is prima. Het valt hier op hoe druk het in deze tijd nog is: de camping staat goed vol met caravans en campers en hier en daar een verdwaalde tent. Vanaf de camping loop je zo naar het riviertje toe waar je het water kunt oversteken via een brug. Dat is het startpunt van verschillende wandelroutes waarbij je binnen no time in de bergen staat. Best wel een hele bijzondere plek om te overnachten dus.

Tijdens ons verblijf rijden we uiteraard nog een heel stuk in dit gebied om meer te zien van de Oostenrijkse bergen. Een van de absolute must-visits is de Grossglockner Hochalpenstrasse, een lange weg in de bergen waar je tot 2500 meter hoogte kunt rijden. Je kunt je vast wel voorstellen wat voor uitzichten dat op moet leveren over de meerdere drieduizenders in dit gebied. Geen zorgen; van deze roadtrip komt nog een andere blog zodat je precies weet waar je moet zijn en om je even weg te laten dromen bij de mooie plaatjes ervan (de bovenste foto is van deze route, dus aaah!). Later dus meer hierover, voor nu: heb jij al plannen om deze herfst of misschien zelfs de winter naar Oostenrijk te gaan?

Natuurkampeerterrein Schoonenberg

Last minute kamperen, iets wat we iedereen kunnen aanraden. Vorige maand hadden we wat tijd over en plotseling een enorme drang naar natuur, stilte en slapen in een tentje dus vroegen we of Anoek van De Groene Koepel, met wie we samenwerken, nog een leuk plekje voor ons wist om op zondagavond een nachtje te kunnen verblijven met onze tent. Ze reageerde net zo enthousiast als wij en stelde ons voor om naar Natuurkampeerterrein Schoonenberg in Velsen-Zuid te gaan. Wat boffen wij met zo'n fantastische tipgever want voordat we het wisten hadden we ons tentje uitgegooid in een van de vele verborgen plekken in het bos op het terrein.

 
 

Hoe kom je er?
Vanaf Utrecht Centraal nemen we de trein naar Haarlem, via Amsterdam Centraal. Vanaf daar stappen we over op de regioliner (bus) richting IJmuiden Strand. Extra leuk dus aan dit kampeerterrein is het feit dat je binnen no time met je voeten in het zandstrand van IJmuiden staat! Voordat we ons met onze blije hoofden richting het strand begeven moeten we eerst onze tent opzetten bij Natuurkampeerterrein Schoonenberg. We stappen uit bij de halte Waterloolaan vanwaar het nog ongeveer tien minuutjes lopen is voordat we het bijzondere kampeerterrein bereiken.

Het eerste wat opvalt is hoe groen camping Schoonenberg is. We waren net nog in de drukte van Haarlem en zelfs toen we de bus uitstapten waren we op een enorm drukke weg. Het enige wat hier regeert is de stilte en de rust. Precies wat we nodig hadden voor een last minute kampeersessie! We maken kennis met de eigenaren Daphne Walker en Mike Snijders, broer en zus met een groot hart voor het grote kampeerterrein. Er is nog genoeg te doen op de camping, maar omdat het net na het seizoen is mogen we zelf een plekje uitkiezen. Het kampeerterrein is aangesloten bij Het Groene Boekje en heeft dus de officiële status als natuurkampeerterrein. Je hebt Het Groene Boekje nodig (lid zijn) om hier te kunnen kamperen.

Er zijn twee groene lanen met diverse plekken voor caravans, campers en tenten (met of zonder elektriciteit), ook is er een bospad aanwezig met beschutte plekjes voor (kleinere) tenten en kun je met een groep kamperen op een van de grotere grasvelden. Kortom: het is nog lastig om te kiezen uit dit mooie aanbod. We besluiten om een van de magische bosplekken te kiezen waar we in alle rust kunnen genieten van de stilte en het prachtige groen. De zonnestralen weten zich op deze late namiddag met moeite door de bladeren te worstelen, wat een bijzonder beeld oplevert in combinatie met onze kleurrijke tent. 

 
 

Van Kennemerduinen naar het strand

Het enige nadeel aan een last minute kampeertrip is dat we ons net te weinig hebben ingelezen over de omgeving. Wisten we dat vlakbij de camping het prachtige grote Nationaal Park Zuid-Kennemerland lag? Ja. Wisten we ook dat dit al op tijd sluit? Nee. Helaas hebben we dus geen optie om dit stuk Nederlandse natuur te verkennen dan een klein stukje aan het begin van het park. Alleen maar meer reden om binnenkort weer een keer terug te komen dus! 

We besluiten om de avond door te brengen aan het strand. Lopen kan maar dan halen we de zonsondergang niet, fietsen is nog idealer maar bij gebrek aan hebben we toch maar even de bus gepakt. Hallo, zonsondergang aan het strand!  De bus vertrekt vlakbij de camping waardoor we binnen een minuut of 20 bij IJmuiden aan Zee zijn beland.

We kunnen ons voorstellen dat tijdens mooie zomerdagen het strand van IJmuiden aan Zee niet bepaald verlaten is. Daarvoor moet je waarschijnlijk wat verder weg de duinen in. Toch hebben we geluk want bij deze kleurrijke zonsondergang hebben we het strand praktisch voor ons alleen. Niks anders dan de wind in onze haren, het zand tussen onze tenen en een gloeiende zon aan de horizon. Wat is dat toch met de zee wat ons zo aantrekt?

 
 

We pakken nog net de laatste ronde mee bij de laatste strandtent die nog open is. Het voelt alsof we persoonlijk de zomer afsluiten. Nog een laatste proost op de zon en de zee, terwijl een boot uit de haven vertrekt. Ook de barman neemt er een biertje op. Soms heb je weinig nodig om een moment van geluk te voelen. Dit is er zo'n eentje.

Als we weer de bus terug pakken naar de camping is het donker. Met een warm hoofd van de zon kruipen we in onze tent en maken we ons op voor de nacht. Na een incident met een spin in de tent (ja, ook wij vinden dat niet erg prettig) liggen we in onze slaapzakken na te praten over de dag. Hoe kort we er ook maar waren, camping Schoonenberg is echt weer zo'n voorbeeld van hoe dichtbij rust kan zijn. En hoe makkelijk je eigenlijk even uit het dagelijkse leven kan stappen en de schoonheid van de natuur kan opzoeken. En hoe fijn dat eigenlijk wel niet is. 

De kracht van camping Schoonenberg ligt niet in de afgelegenheid. Integendeel: het is super bereikbaar en bijna onderdeel van de bewoonde wereld. Dat neemt echter niets weg van het gevoel van de camping. In het bospaadje bij onze tent voel je alsof de dagelijkse drukke wereld aan de andere kant van de aarde ligt. Slapen tussen de bomen, tien minuten vanwaar de bus je naar een populair strand brengt, is ook rust. Is ook een ontsnapping aan de dagelijkse drukte. En in de ochtend kun je, net als wij, je tentje weer oppakken en richting werk gaan. Of nog een nacht blijven en de rust in de duinen opzoeken. Welke kant je ook opgaat, de beleving van natuur is in Nederland nooit ver weg. 

Analogue Stories VII: Pisogne, Italië

Hippieleven op landgoed camping Buiten

Letterlijk aan elk detail is gedacht: heerlijke hangmatten aanwezig, een gezellige kampvuurkuil, een grote kruidenbak waar je kruiden kunt plukken, er zijn ijsjes te koop, er knorren twee gezellige varkentjes op het terrein rond, een vijver waar kinderen kikkervisjes kunnen vangen. Een camping met Westlaren en Zuidlaren praktisch om de hoek waar bijna een Mediterraanse sfeer heerst. Landgoedcamping Buiten is een magische plek waar wij, nog meer dan op andere plekken waar we geslapen hebben, optimaal tot rust zijn gekomen. Wakker worden en even verder dutten in de zon in een van de hangmatten, wie wil dat nou niet?

Hoe kom je er?

Het terrein van Natuurkampeerterrein Landgoedcamping Buiten voelt erg afgelegen maar verrassend genoeg is de camping erg goed met het openbaar vervoer te bereiken. Vanaf een busstation in Zuidlaren loop je over een lange weg langs huizen en akkers waar je op een gegeven moment zo tegen de camping oploopt. Best goed te doen! 

Wij zijn deze keer on the road met vintage Neef Herbert van Tralaluna Casita on Wheels uit Mantinge, een prachtige oude Mercedes bus die nu een tweede leven beleeft als kampeerbusje. Met een echte ouderwetse kaart van de provincie stippelen we vanaf het mooie Mantinge de route uit naar dit buitenplekje in de natuur. De grote bus neemt ons mee langs de meest kleine hobbelige zandweggetjes midden in het bos, terwijl we ons ernstig af vragen of de wagen dergelijke wegen wel trekt. Met een beetje adrenaline en vooral heel veel plezier komen we uiteindelijk bij onze bestemming van deze zonnige dag. Laat het relaxen beginnen!

We zetten Neef Herbert op een centrale plek op het natuurkampeerterrein, vlak voor de twee varkentjes. Eigenaresse Maya verwelkomt ons en vertelt ons van alles over haar bijzondere stuk grond. Ze laat ons kennis maken met de twee knorrende medebewoners van de camping en vertelt dat het varkensvrouwtje letterlijk een beetje knorrig is omdat ze haar maandelijkse feestje viert. Hilarisch om te zien, want het varken lijkt echt een beetje chagrijnig en keert ons de rug toe wanneer we haar vriendelijk begroeten. De twee wonen in een groot stuk modder en groen waar diverse planten, bloemen en kruiden groeien. Overal waar je kijkt is wel een ander stuk natuur te ontdekken. We zien kippen, katten en hé, komt daar nou een konijntje voorbij hoppen langs de tenten?

Het kampeerterrein
Het eerste gevoel wat we krijgen bij Landgoedcamping Buiten is het daadwerkelijke buiten zijn: genieten van alle natuur om je heen, vrij zijn, puurheid, ontspannen en samen zijn. Het kleinschalige kampeerterrein heeft plek voor ongeveer vijftien tentjes en/of caravans of campers. Wanneer er genoeg plek is kun je je eigen kampeerplaats uitzoeken: in de schaduw onder de bomen, bij de waterpoel, vlakbij de Schotse hooglanders aan de rand van de camping of gewoon lekker in de zon. Er is een luxe sanitairgebouw aanwezig met alles wat je nodig hebt tijdens slapen in de natuur.

Ook wanneer je niet van kamperen houdt of geen zin hebt om met je kampeerspullen te slepen kun je op een comfortabele manier bij Buiten blijven slapen. Zo zijn er een aantal zogeheten Buitenbedden beschikbaar: in slaap vallen onder slechts een tentdoek. Voor de frisse nachten is er een houtkacheltje aanwezig en je kunt lekker koken in je eigen buitenkeukentje. Het fijne is dat de bedden zijn opgemaakt bij aankomst en dat er zelfs handdoeken voor je klaar liggen! Daarnaast is er nog een omgebouwde container voor twee personen aanwezig (de Buitenkamer) en kun je een heuse Boslodge voor vier personen huren.

 

Proeven, ruiken, voelen
Tijdens ons verblijf in mei is het heerlijk zomers weer: met temperaturen rond de 23 graden en een flink zonnetje blijven we de hele dag en avond buiten zitten. De geur van de vele lavendel, de verse munt en andere kruiden uit de kruidenbak komt ons bij de camper tegemoet. Deze kruiden mag je gratis plukken om je kampeerdiner te verrijken, hoe leuk is dat? De kruidenkar is een van de projecten van kunstenaars en andere creatieve bezoekers die Maya ontvangt. In ruil voor een verblijf werken ze samen aan nieuwe toevoegingen voor de camping. Het is een win-win voor iedereen want reguliere campingbezoekers hebben verse munt voor de thee en andere kruiden om het vlees op de barbeque te geuren.

Verborgen schatten

Ook in de nabije omgeving valt er wat te ontdekken. We krijgen tips van Tralaluna om vooral ook verderop een verborgen meertje op te zoeken waar je kunt zwemmen. Het is afgesloten voor algemeen gebruik maar via een kleine weg langs de akkers kom je er wel. 

We gaan de uitdaging aan. Na een tijd zoeken gaan we het land van een boer op (soort van illegaal dit) en lopen we langs bomen die worden gekweekt. Aan de linkerkant blaft een hond en daar worden we toch een beetje bang van. Op een gegeven moment vinden we een houten deur en daarachter vinden we een rustig meertje met mooie bebossing. Een echt strandje om bij te zwemmen vinden we niet helaas want het gevoel van ergens zijn waar we niet mogen zijn geeft ons toch de haast om na 20 minuten weer veilig op legale grond te staan. Toch, als je in de buurt bent, het is wel een avontuur om deze schat even op te zoeken.

Terwijl de zon onder gaat over de camping is er nog volop leven. Kinderen rennen rond het water, hout voor een kampvuur wordt gesprokkeld en de hangmatten zijn perfect voor een after dinner dip dutje. Camping Buiten ligt in Drenthe maar we hebben flashbacks naar kampeervakanties in Italië, Frankrijk en Spanje. De gezelligheid, de warme avonden, rode wijn en voor de tent kletsen tot diep in de nacht en dan onder een prachtige sterrenhemel in slaap vallen. Kamperen op z'n best. 

Proef, ruik, beleef, voel, ontspan en kijk je ogen uit bij dit fijne natuurrijke kampeerterrein. Meer informatie & foto's vind je hier en boeken doe je hier. Let wel even op dat je in het bezit moet zijn van het Groene Boekje, omdat het terrein is aangesloten bij Natuurkampeerterreinen van de Groene Koepel. Even helemaal niks doen en toch als een verrijkt persoon terug komen, dat gebeurt er bij Landgoedcamping Buiten in Midlaren.