reizen

Analogue Stories XII: Magische Mongoolse Ger

 
 
 
 
 
 
 

Natuurhappen in Oslo

Een stedentrip draait al snel om lekker eten, goed winkelen en een museum hier en daar. Liefhebbers der natuur komen dan vaak te kort want tja, een aangelegd park is toch niet echt je van het. Oslo biedt de perfecte middenweg: winkels, goed eten maar ook veel prachtige natuur. Allemaal bereikbaar met het openbaar vervoer!

Hoe kom je er?

Een simpele vlucht van Amsterdam naar Oslo is zo gemaakt. Op de een of andere manier voelde Scandinavië altijd erg ver weg, maar na ongeveer 1,5 uur staan we al op Noorse grond. Ook voor reizigers met een laag budget is een vlucht naar Oslo goed te doen trouwens. Zo konden wij bijvoorbeeld profiteren van een naseizoensprijsje van 94 euro voor AMS - OSL met KLM. Prima te doen dus.

Eenmaal aangekomen in Oslo staat een hogesnelheidstrein te wachten om je met 20 minuten naar de binnenstad te brengen. Het enkeltje is al wel redelijk prijzig voor de afstand maar dit vergeet je al snel als je de Noorse landschappen langs ziet flitsen, voor ons in prachtige herfstkleuren met dito lage zon. Een betere preview van wat ons dit weekend te wachten staat, zo bleek.

Voor deze trip, tijdens een van de laatste weken van oktober, slaan we het slapen in een tent even over. We checken in bij het Anker Hostel, midden in de stad, en worden voorzien van een ruime vierpersoonskamer (waar we niemand verder zien) met keuken en badkamer. Als je iets luxer wilt verblijven maar, net zoals wij, in hartje Oslo wilt slapen is de buurman het Anker Hotel een optie. 

De binnenkant van het hostel zien we het liefst zo min mogelijk. We kopen een ov-kaart voor zeven dagen voor 240 Noorse kronen (zo ongeveer 25 euro) en checken meteen een tip van een vriendin. Bus 74 brengt ons naar Ekebergparken, een prachtig bos met kunstwerken en camping Ekeberg. Deze camping is buiten het hoogseizoen gesloten maar we zien dat voor Oslogangers die het leuk vinden om met een tentje de wereld te ontdekken dit een toffe plek is om een nacht of twee te verblijven. Naast het mooie bos en de bijzondere kunstwerken die overal in het gebied te vinden zijn is het uitzicht meer dan magisch. 

 
 

Ook de busreis zelf is mooi. We worden erg blij van bergen en het uitzicht dat de bergen bieden, vergeleken met ons platte Nederland. Hoe hoger, hoe beter! Niet alleen de bus in Oslo brengt je naar mooie plekken. Ook de metro gaat tot ver in de bergen waar herfstige schoonheid op ons liggen te wachten. We nemen metrolijn 1  die ons op de Holmenkollenberg brengt. We stoppen bij de Holmenkollenschans, een bekende skischans waar wereldkampioenschappen en Olympische Winterspelen zijn gehouden. Naast het uitzicht vanaf de berg over Oslo en de prachtige natuur is de schans ook wel een kijkje waard. Veel mensen gebruiken de schans om rondom te kunnen sporten, de trappen op en neer te rennen en de berg op en af te skeeleren. Vandaar dat de bewoners van Oslo er zo fit uitzien, een paar bergen om je heen en het gaat gewoon vanzelf.

Ondertussen staan wij ons te vergapen aan het uitzicht. We staan zo hoog dat we echt mijlenver kunnen kijken over Oslo en omstreken. Hier realiseren we ook dat de herfst het perfecte seizoen is om Oslo te bezoeken, de natuur geeft ons echt het mooiste wat ze te bieden heeft. De kleuren oranje, groen, rood spatten van het doek af met een perfecte blauwe lucht erboven, zo ontzettend mooi! Dit hoogste punt van de omgeving geeft je ook toegang tot prachtige bossen rondom Oslo. Zoals we al zeiden, de natuur is nooit ver weg in deze stad. 

 
 

Naast deze geweldige hoogtepunten (haha, letterlijk) is er beneden natuurlijk ook heel wat te zien. Waar ik het meest naar uitkeek was de Oslofjord en de eilanden die je al goed kunt zien vanaf de bergen. Een ferry vaart vanuit de haven van Oslo met het mooie Akerhus op de achtergrond naar eilanden als Lindøya, Hovedøya en Gressholmen, elk met een ander uiterlijk en eilandgevoel. Hoewel wij geluk hebben buiten het hoogseizoen te reizen zijn er natuurlijk alsnog wel redelijk veel toeristen aan boord. De eilanden zijn het echter meer dan waard.

Mijn favoriet is veruit Lindøya, en niet eens om de fijne herfstkleuren waar we ons in wanen. Lindøya is ook de plek waar Noorse families de zomer doorbrengen in de meest perfecte, typisch Scandinavische huisjes waar je snel verliefd op wordt. In de herfstzon is het goed voor te stellen hoe deze plek een sprookje moet zijn om elke zomer door te brengen en de mooiste herinneringen te maken. Het eiland voelt als één grote Wes Anderson film, een gevoel wat Liv en ik vaker hebben gehad tijdens onze reizen dit jaar. Het voelt als een letterlijke ontsnapping aan de werkelijkheid, terwijl alle gemakken van een hoofdstad vijftien minuten verderop liggen, a boatride away.

 
 

Het volgende eiland wat we aandoen is Gressholmen, weer een totaal ander eiland en niet te vergelijken met het schattige Lindøya. Gressholmen heeft sporen van gebruik door mensen maar is ook voor een deel weer overgenomen door de natuur. We weten eerst niet zo goed waar we moeten lopen en of er wel wat te zien is op dit eiland. Na een mooi stuk bos komen we uit bij een soort opslagplaats voor boten waardoor het voelt alsof we hier eigenlijk niet mogen zijn. Een aantal Aziatische toeristen lopen doodleuk door de opslagplaats naar de andere kant van het eiland waar ook natuur is dus doen wij maar hetzelfde.

Na wat klim- en klauterpraktijken om het schattige witte kerkje van Gressholmen te bereiken, wat ons op de een of andere manier niet lukt, genieten we nog maar van het prachtige uitzicht vanaf het hoogste punt op Gressholmen. Een uitzicht waar ik gewoon geen genoeg van kan krijgen.

Ga trouwens als je van de ferry af komt, of voordat je de eilanden gaat ontdekken, niet meteen weg! Het Akershus naast de haven is ook zeker het ontdekken waard. Geen natuurhappen maar even cultuurhappen. Het Akershus is een kasteel, gebouwd in de dertiende eeuw en gemaakt om de stad destijds te beschermen. Nu is het een prachtige vesting om in rond te lopen en met de ondergaande zon Oslo nog één keer te aanschouwen. 

Oslo is eigenlijk de ideale plek voor mensen zoals wij. Geen rijbewijs, afhankelijk van het openbaar vervoer en op zoek naar de mooiste natuur. In de Noorse hoofdstad is de natuur bereikbaar en ook nog eens prachtig. Andere steden zouden een voorbeeld moeten nemen aan de manier hoe Oslo de natuur deel laat uitmaken van haar identiteit en het zo toegankelijk mogelijk maakt voor haar inwoners en bezoekers.

 

Review: KarTent

Opeens was hij er. Een kartonnen driehoek die het mogelijk maakt de dronken festivalganger bij te laten dragen aan een betere wereld. De KarTent werd geboren in maart van dit jaar, en wij testten de tent in zijn luiers onder de heftigste weersomstandigheden. Op Vlieland tijdens het festival Into The Great Wide Open. Een zware proef voor het eerste model van de KarTent.

De editie van Into The Great Wide Open van dit jaar was er één vol goede muziek en fijne mensen, maar er wordt nog steeds gepraat over het über-slechte weer. Regen in alle maten en soorten, wind met een windkracht zeven; het kon niet op. De KarTent, die in maart werd ontwikkeld door Jan, Wout en Bas, is mijn slaapplek voor aankomend weekend. Terwijl de boot over de golven van een stukje Noordzee deinst en de regen tegen de ramen tikt hoop ik maar dat dit weekend de KarTent een veilige en droge plek is.

 

Waarom de KarTent?

Één op de vier festivalgangers laat een tent achter op de festivalcampings van Nederland. Dat zorgt voor afval, behoorlijk veel afval. Dit jaar werden veel achtergebleven tenten verzameld voor vluchtelingen, maar in de voorgaande jaren was het verlaten festivalterrein een zielige bedoening. Organisaties van festivals werken al jaren aan het verminderen van afval op het festivalterrein. Met de KarTent kunnen nu ook de festivalgangers een bewuste keuze maken: gewoon niet eens slepen met je tent en lekker een KarTent huren.

Dit kun je doen voor 35 euro op verschillende festivals. De website van het product waarschuwt wel: De KarTent is dit jaar (2015) nog een product op proef. De mannen zijn nog druk met het aanpassen van het ontwerp om volgend jaar de perfecte KarTent te introduceren. Dat maakt ons proefkonijnen en de uitkomst van onze ervaring onzeker. We hebben dan ook voor onszelf besloten niet al te streng te zijn op de KarTent. Positieve feedback en opbouwende kritiek, daar gaat het om. 

Dus. Als een koud kipje sjok ik met mijn fiets van de boot. Vlieland ligt onder donkergrijze wolken mooi te zijn, er heerst een relaxte sfeer en ik geniet toch wel een beetje van de duinen en prachtige natuur terwijl ik de drie kilometer fiets naar Camping de Lange Paal. De regen vormt een klein irritatiepunt en gaat ook van miezerige spetters naar dikke druppels en terug. Ik vrees het ergste voor mijn onderkomen van de aankomende dagen. Hoe zou de KarTent deze regen en wind op de Wadden kunnen overleven?

 
 

Als ik arriveer ben ik toch lichtelijk teleurgesteld. Ik vind tussen vier KarTenten mijn onderkomen van de avond; die ene met een klein plasje water in de tent omdat de deuren nat zijn en dus open zijn gewaaid. Met een handdoek maak ik de tent droog en ga erin zitten. Meteen zie ik het probleem wat nog een groter probleem wordt die nacht: de deuren. Aan beide kanten zijn de deuren erg nat en door het wat dunne karton passen ze niet meer in de vorm van de tent om goed dicht te gaan. De volgende regenbui volgt en ik ben even druk om de juiste constructies te vinden en de deurdichtheid zo hoog mogelijk te houden. Dit gaat door enig pas- en meetwerk, blokkades voor de deuren zoals een pak vruchtensap en mijn spijkerjasje tegen de wind die zeker in mijn gezicht gaat blazen vannacht. Het gaat, maar wel met een beetje moeite.

Voor de zekerheid check ik buienradar en besluit ik tot de laatste bui is weggetrokken in de tent te blijven. Liever geen plasje water als ik laat in de avond beschonken terug kom. Na 17.00 uur vertrek ik naar het festivalterrein en blijft het zo goed als droog tot een uur of 03.00 in de nacht. Met een wijntje in mijn hand dans ik mee met Typhoon en loop ik nog even lekker door de duinen van Vlieland. Rond 12 uur fiets ik in het pikkedonker en onder een magische sterrenhemel terug naar de camping. Niet wetend dat ik die sterrenhemel de hele nacht nog zou kunnen zien...

Optimistisch klim ik in mijn tentje met twee slaapzakken, op weg naar een heerlijke nachtrust. Ik probeer de deuren aan beide kanten zo stevig mogelijk dicht te maken met eerdergenoemde hulpmiddelen. Een wijze les voor elke kampeerder: altijd vuilniszakken en ducktape meenemen, dat had deze avond heel wat gemakkelijker gemaakt. Om een verhaal kort te houden: de deuren aan beide kanten bleven niet dicht. Met elk zuchtje wind vloog de een open waarop de andere volgde. De deur bij mijn hoofd ging helemaal niet meer dicht waardoor ik die magische sterrenhemel met slaap in mijn ogen kon bewonderen. De tent zelf veroorzaakte gelukkig geen problemen. De regen komt er niet doorheen, het blijft allemaal vrij stevig staan en is zeker bestand tegen een paar dagen heftig weer. Positief dus! 

Helaas ben ik toch vrij chagrijnig de volgende ochtend. De deurtjes zijn officieel overleden en hangen er heel zielig bij. Ik zie dat mijn buren vrij ontbloot hebben geslapen vannacht maar wel een lekker hoog luchtbed hebben. Ik heb geen oog dicht gedaan door de wind die door mijn tent blies, het ochtendlicht en gewoon het gedoe met de deurtjes. 

 
 

Maar hoe leuk is het dan om te zien dat je tent compleet vernieuwd is als je terugkomt van een Vlielandse fietstocht? De mannen van KarTent hebben de zijkanten van de tent vervangen met nieuwe stevige deuren waardoor ze veel beter dicht blijven zitten. Blijkbaar kun je ze gewoon bellen als je niet tevreden bent met de tent, wat best even handig was om te weten voordat ik de helnacht in ging. Ik kan ze wel zoenen, zo blij ben ik met de nieuwe deurtjes. Daar ben ik net iets te moe voor. 

Hoewel de nieuwe deuren veel verschil zouden maken voor de volgende nacht houd ik het hierbij toch maar voor gezien. In de trein terug lees ik tweets over de ontzettend harde wind en kou die over het eiland heen raast en slaak dan toch wel stiekem een zucht van tevredenheid. Ik weet niet hoe die tweede nacht was geweest met windkracht zeven en of de deuren dat wel hadden gehouden maar ik ben best wel blij dat ik het niet hoef te ontdekken. 

Het eindoordeel

Het eindoordeel van de KarTent is een beetje dubbel. Eerlijk gezegd heb ik echt een verschrikkelijke nacht gehad. De grootste reden hiervoor: de deuren die gewoon niet opgewassen waren tegen de weersomstandigheden, hoewel de tent zelf zich goed hield in de wind en regen. Mijn negatieve ervaring is wel het gevolg van een aantal dingen:

1) De KarTent is en blijft nog een probeersel. Dit wordt ook aangegeven op de website. Dan kun je meevallers hebben, maar ook tegenvallers.

2) Het weer. Deze editie van Into The Great Wide Open was echt een ramp als het gaat om het weer. Zoveel regen, zoveel koude wind en dat allemaal op een eiland in de Waddenzee/Noordzee. De KarTent had dit soort weer nog niet doorstaan, dus helaas waren de bezoekers van Into The Great Wide Open het eerste proefkonijn met de zwaarste omstandigheden.

3) Communicatie. Als ik had geweten dat de jongens van de KarTent gewoon op het eiland waren en ze mijn probleem zo gemakkelijk hadden kunnen oplossen was dat gebeurt nog voordat ik ging slapen. De zijkanten waren zo makkelijk te vervangen, dit had best twaalf uur eerder mogen gebeuren.

Al met al kan ik het concept niet volledig afschrijven. Ik weet dat de festivalzomer vol positieve KarTent-ervaringen zat en geloof ook echt dat met mooi en droog weer het een perfecte optie is. Daarbij staat Expeditie Kram achter het idee van de KarTent. Duurzaamheid en goede alternatieven vinden om festival afval tegen te gaan is belangrijk en we geloven ook dat de KarTent hier een goede bijdrage in kan leveren. Ons review is dan ook niet een eindoordeel. Volgend jaar zien we de KarTent graag terug om het nog eens te proberen met een beter model en hopelijk zo de festivalzomer overleven, door weer en wind. Zet 'm op jongens!